Heemkundige Kring

Ten Mandere Izegem

Ten Mandere - digitaal

startpagina
bestuur
nieuws
activiteiten
lidgeld
tijdschrift
geschiedenis
archief
bibliotheek
te koop
Izegemse bibliografie
Izegemse soldaten uit W.O. I

links
nieuwsbrieven

 

ten mandere blogt

 

Emelgem probeert in 1899 het aantal herbergen te beperken

 

Het Emelgemse gemeentearchief werd vlak vóór de fusies van 1965 grotendeels overgebracht naar het Rijksarchief Brugge, om dan later in het Kortrijks Rijksarchief te belanden.
Dit archief bevat heel wat gegevens over de deelgemeente Emelgem. Zo vonden we twee bundeltjes (RAK, GAEmelgem nr. 2074-2075) met enkele politiereglementen. In het eerste bundeltje vonden we een besluit over de grootte van de toekomstige herbergen. Het was een feit dat het gemeentebestuur probeerde het alcoholmisbruik tegen te gaan. Eén van de middelen bestond erin om te eisen dat de herbergen een zekere oppervlakte hadden. Heel wat eenvoudige arbeiders konden dan immers hun huis niet openstellen als café.
Op 20 april 1899 werd een politiereglement opgesteld op het openen van nieuwe herbergen en drankslijterijen.
Art. 1
Voortaan is het verboden nieuwe herbergen of drankslijterijen te openen in welkdanig gebouw, oud of nieuw, als de plaats waar de toog zich bevindt of drank geschonken wordt geene oppervlakte beslaat van ten minste vijf en twintig vierkante meters.
Daarenboven moet er op den gelijkvloers van het gebouw eene tweede plaats zijn ten dienste van het huisgezin van ten minste twaalf meters oppervlakte.
Art. 2
De schikkingen van voorgaande artikel zijn ook toepasselijk aan de reeds bestaande herbergen of drankslijterijen:

  1. Van zoohaast de herbergier (…) verandert van huis of blijvende in het zelfde huis ophoudt van persoonlijk herberg of drankslijterij te houden;
  2. Als hij komt te sterven en niet opgevolgd wordt door de nagelatene echtgenote of door een of meer kinders;
  3. Van zohaast het huis herbouwd wordt.

Art. 3
De vereischte oppervlakten zullen voorafgaande bestatigd worden door het gemeentebestuur.
Art. 4
Alle overtredingen aan bovenstaande policieschikkingen zal gestraft worden met eene boete van 25 franks of met eene gevangzitting van vijf dagen.

Dit besluit werd afgekondigd op de kerktichel en aangeplakt op zondag 18 juni 1899.
Het aanplakbiljet werd gedrukt bij de Gebroeders Strobbe.